Het Kinderkoor

Traditie uit het Ertsgebergte


Deze kleine groep, meestal vijf kleine houten poppetjes die in het zwart gekleed zijn, hebben een hele eigen historie. In het Duits zijn het de Kurrendesänger. In vroeger tijden gingen in het Ertsgebergte de kinderen van arme gezinnen in de kerstperiode van huis tot huis om te zingen en om met de verdiende centjes te helpen om de nood in hun eigen gezin iets te verzachten. Sneeuw en ijs maakten hun taak tot een echte opgave, daarom waren zij onder hun zwarte overjassen dik gekleed en droegen een grote hoed op hun hoofden.

Vier van de vijf zangers worden afgebeeld met een gezangboekje in hun handen en de vijfde draagt een staf met een sterretje. Niet zelden wordt dit groepje gecomplementeerd met het beeld van de typische kerk van Seiffen, kleine huisjes of boompjes.

De naam stamt af van het Latijnse “currere”, wat zoveel betekent als “lopen”. De kleine groepjes waren dus eigenlijk een “lopend kerkkoor”, bestaande uit jongens en meisjes tussen de 10 en 14 jaar oud. Deze traditie bestaat met name nog in het Ertsgebergte en de koortjes zingen ook nog tijdens de kerkmissen.